Eigenschap:DEFINITIE

Uit ROSA Wiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Kennismodel
:
Type eigenschap
:
String
Geldige waarden
:
Meerdere waarden toegestaan
:
Nee
Weergave op formulieren
:
Tekstregel
Initiële waarde
:
Verplicht veld
:
Toelichting op formulier
:
Subeigenschap van
:
Geïmporteerd uit
:
Formatteerfunctie externe URI
:

Klik op de button om een nieuwe eigenschap te maken:


250 pagina’s gebruiken deze eigenschap.
A
Schaal van resultaat is de niveau aanduiding A-B-C-D-E van Cito.  +
Scorewaarde is het aantal goed-gemaakte opgaven.  +
Scorewaarde is het aantal gemaakte opgaven.  +
De vaste tijdsduur van de toetsafname (in minuten).  +
Groep onderwijsdeelnemers en/of medewerkers, gegroepeerd o.b.v. gemeenschappelijke toetsafname.  +
Medewerker is afnameleider bij toetsafname.  +
De tijdsperiode waarbinnen de toetsafname plaatsvindt.  +
Scorewaarde is de behaalde score (het aantal scorepunten).  +
Identifier is de instellingscode van de instellingserkenning én de vestigingscode van de vestigingserkenning zoals in BRIN geregistreerd.  +
Identifier is de instellingscode van de instellingserkenning zoals in BRIN geregistreerd.  +
Identifier is vestigingscode van de vestigingserkenning zoals in BRIN geregistreerd.  +
Identifier is het BSN van de persoon.  +
De vroegste begintijd van de toetsafname.  +
Scorewaarde is de benodigde tijdsduur.  +
Medewerker is beoordelaar bij toetsafname.  +
Medewerker is corrector/beoordelaar van antwoorden bij toetsafname.  +
Schaal van resultaat is de aanduiding volgens Didactische Leeftijd Equivalent (DLE).  +
Medewerker is docent van leerlingen/studenten.  +
Domein van toets/examen.  +
Doorstroomtoets zoals in het po in gebruik sinds 2024.  +
Identifier is het ECK-ID van de persoon.  +
Schaal van resultaat is het taalcompententieniveau volgens het Europees ReferentieKader voor MVT (moderne vreemde talen); het ERK onderscheidt 6 taalcompententieniveaus: van beginner tot near-native (A1 t/m C2).  +
Resultaatwaarde is het eindcijfer van het examen (getal vanaf 0.0 tot en met 10.0, met 1 decimaal).  +
Schaal van resultaat is het eindcijfer van het examen (getal vanaf 0.0 tot en met 10.0, met 1 decimaal).  +
Deelnemer aan het examen.  +
Identifier is code van de locatie/ruimte waar de examenafname plaatsvindt.  +
Het examenregime waartoe toets/examen behoort.  +
Scorewaarde is de behaalde score bij het examen.  +
Examenvariant met eigen schaallengte (maximumscore) en normeringsgetal (correctiefactor).  +
Resultaatwaarde is de beoordeling Goed, Voldoende of Onvoldoende (GVO).  +
Schaal van resultaat is de niveau aanduiding I-II-III-IV-V van Cito.  +
Aanduiding of toets/examen wel of niet (nog niet of niet meer) inplanbaar is.  +
Identifier is het LAS-key van de leerling, d.w.z. sleutel door LAS (Leerling Administratie Systeem) uitgegeven en beheerd.  +
Leerjaar 1 van opleiding/onderwijs.  +
Leerjaar 2 van opleiding/onderwijs.  +
Leerjaar 3 van opleiding/onderwijs.  +
Leerjaar 4 van opleiding/onderwijs.  +
Leerjaar 5 van opleiding/onderwijs.  +
Leerjaar 6 van opleiding/onderwijs.  +
Leerjaar 7 van opleiding/onderwijs.  +
Leerjaar 8 van opleiding/onderwijs.  +
Medewerker is leerkracht van leerlingen.  +
Onderwijsdeelnemer in po en vo.  +
Identifier is het leerlingnummer van de leerling.  +
De scores en resultaten van de leerling.  +
Groep onderwijsdeelnemers en/of medewerkers, gegroepeerd o.b.v. gemeenschappelijke les.  +
Onderdeel van toets/examen.  +
Schaal van resultaat is het onderwijsniveau dat past bij de leerling/student o.b.v. behaalde score.  +
Identifier is het onderwijsnummer van de leerling/student.  +
Medewerker is werkzaam bij de onderwijsorganisatie ter ondersteuning van het onderwijs.  +
Scorewaarde is de behaalde ontwikkelscore.  +
Schaal van resultaat is de percentielscore volgens de indeling van de toetsscores in gelijke percentielen; de percentielscore van een toetsdeelnemer (leerling/student) is het percentagegetal dat aangeeft hoeveel procent van de toetsdeelnemers de door deze deelnemer behaalde toetsscore, of een lagere score, heeft behaald.  +
Resultaatwaarde is de percentielscore volgens de indeling van de toetsscores in gelijke percentielen; de percentielscore van een toetsdeelnemer (leerling/student) is het percentagegetal dat aangeeft hoeveel procent van de toetsdeelnemers de door deze deelnemer behaalde toetsscore, of een lagere score, heeft behaald.  +
Identifier is de code van de onderwijsaanbieder binnen RIO registratie.  +
Identifier is de code van het onderwijsbestuur binnen RIO registratie.  +
Identifier is de code van de onderwijsgroep binnen RIO registratie.  +
Identifier is code van onderwijslocatie binnen RIO registratie.  +
Resultaatwaarde is het referentieniveau Taal of Rekenen volgens Meijerink, zoals 1F.  +
Schaal van resultaat is het referentieniveau Taal of Rekenen volgens Meijerink, zoals 1F en 4S.  +
Identifier is het SIS-ID van de student, d.w.z. sleutel/code door het SIS (Student Informatie Systeem) uitgegeven en beheerd.  +
Resultaatwaarde is het schoolcijfer (getal vanaf 0 tot en met 10).  +
Schaal van resultaat is het schoolcijfer (getal vanaf 0 tot en met 10).  +
Identifier is de sleutel/code van de school.  +
Groep onderwijsdeelnemers en/of medewerkers, gegroepeerd o.b.v. gemeenschappelijke stamgroep/mentorgroep/studiegroep.  +
Onderwijsdeelnemer in mbo en ho.  +
Identifier is het studentnummer van de student.  +
De scores en resultaten van de student.  +
Subdomein binnen domein van toets/examen.  +
Medewerker is surveillant bij toetsafname.  +
De individuele hulpmiddelen die zijn toegestaan bij toets/examen.  +
Resultaatwaarde is het advies dat volgt uit de behaalde score voor de toets.  +
De scores en resultaten van de toetsafname.  +
Deelnemer aan de toets.  +
Identifier is sleutel/code van de locatie/ruimte waar de toetsafname plaatsvindt.  +
De scores en resultaten behaald bij de toets.  +
Scorewaarde is .de toetsscore voor de toets.  +
Scorewaarde is de behaalde vaardigheidsscore.  +
URL naar aanvullende informatie over de resultaten.  +
URL naar aanvullende informatie over de resultaten.  +
Achternaam van de onderwijsdeelnemer.  +
Achternaam van de medewerker.  +
Achternaam van medewerker.  +
Achternaam inclusief voorvoegsel van onderwijsdeelnemer die (alleen) op het scherm weergegeven wordt.  +
Achternaam van onderwijsdeelnemer.  +
Conditie aan afname van de toets.  +
Datum en tijdstip waarop de afname plaatsvond.  +
Datum en tijdstip waarop de afname gaat plaatsvinden.  +
Informatie over de afnameplanning van groep.  +
Soort van afname dat gaat plaatsvinden.  +
Datum en tijdstip waarop de afname plaatsvond.  +
E-mailadres van de medewerker.  +
Het standaard betrouwbaarheidsinterval van de score van deze toets (indien beschikbaar).  +
Het standaard betrouwbaarheidsinterval van de score van deze toets (indien beschikbaar).  +
De cesuur van de schaal.  +
De cesuur van de schaal.  +
Contactinformatie van medewerker.  +
Contactinformatie van onderwijsdeelnemer.  +
Informatie over de wijze waarop een toetsonderdeel dient te worden beoordeeld.  +
Informatie over de wijze waarop een toetsonderdeel dient te worden beoordeeld.  +
Datum waarop de informatie in toetscatalogus voor het eerst aangemaakt is.  +
Moment waarop de score voor het eerst aangemaakt is.  +
Datum en tijdstip waarop het overzicht van deelnemers, groepen en/of medewerkers voor het eerst aangemaakt is.  +
Datum waarop de informatie over medewerker voor het eerst aangemaakt is.  +
Moment waarop het resultaat voor het eerst aangemaakt is.  +
Datum waarop de informatie in de toetseenheid voor het eerst aangemaakt is.  +
Datum waarop de groep voor het eerst aangemaakt is.  +
Datum en tijdstip waarop de verzameling resultaten en scores is voor het eerst is aangemaakt.  +
Datum waarop de informatie over deelnemer voor het eerst aangemaakt is.  +
Beschrijft de context waarbinnen een toets plaatsvindt, opdat de resultaten van de toets kunnen worden geïnterpreteerd in educatieve zin.  +
Datum en tijdstip waarop de verzameling resultaten en scores is samengesteld.  +
Datum en tijdstip waarop het overzicht van deelnemers, groepen en/of medewerkers is aangemaakt.  +
Demografische informatie van onderwijsdeelnemer.  +
Didactische vorm: informatie over bij welke leerstrategie, werkvorm, verschijningsvorm enzovoort deze toets het beste aansluit.  +
Didactische vorm: informatie over bij welke leerstrategie, werkvorm, verschijningsvorm enzovoort dit aansluit.  +
Verzameling van gegevens die iets zeggen over het toetsonderdeel zelf.  +
Doel en/of betekenis van de toets.  +
Verzameling van gegevens die iets zeggen over het toetsonderdeel zelf.  +
Drempelscore die minimaal moet worden behaald om binnen dit interval te vallen.  +
Drempelscore die minimaal moet worden behaald om binnen dit interval te vallen.  +
E-mailadres waarop een persoon bereikbaar is.  +
E-mailadres waarop een persoon bereikbaar is.  +
Expressie (formule) die meerdere scores omzet in een waarde.  +
Expressie (formule) die meerdere scores omzet in een waarde.  +
Optionele uitbreiding met extra gegevens.  +
Omschrijving van de toets.  +
Optionele uitbreiding met extra gegevens over de score.  +
Optionele uitbreiding met extra gegevens.  +
Optionele uitbreiding met extra gegevens over de score.  +
Optionele uitbreiding met extra gegevens.  +
Informatie over waar de onderwijsvolger staat ten opzichte van de leerdoelen.  +
Informatie over waar de onderwijsvolger staat ten opzichte van de leerdoelen.  +
Geboortedatum van persoon.  +
Beoogd gebruik: oefening, formatief, summatief, civiel effect  +
Beoogd gebruik: oefening, formatief, summatief, civiel effect  +
Gebruikersnaam van persoon om toegang tot het systeem te krijgen.  +
Geslacht van persoon.  +
Geeft aan of de maker van de toets gevalideerd heeft of de toets toetst wat hij zou moeten.  +
Geeft aan of de maker van de toets gevalideerd heeft of de toets toetst wat hij zou moeten.  +
Gewicht van het toetsonderdeel.  +
Gewicht van de toets: Als de toets onderdeel is van een groter geheel, representeert het het gewicht van de toets in het grotere geheel.  +
Gewicht van het toetsonderdeel.  +
Gewicht van de toets: Als de toets onderdeel is van een groter geheel, representeert het het gewicht van de toets in het grotere geheel.  +
Betekenisloze identifier. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier van medewerker. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier van afname. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier van score. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier van toetseenheid. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier van onderwijsdeelnemer. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier van gegevensbundel met overzicht van deelnemers, groepen en/of medewerkers. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier van toetsleverancier. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier van gegevensverzameling. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier van rol. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier van groep. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier van toetscluster. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Betekenisloze identifier van referentieschaal. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Identificerend kenmerk van onderwijsdeelnemer die (alleen) op het scherm weergegeven wordt, bijvoorbeeld studentnummer.  +
De leerdoelen die de toets of het onderdeel afdekt.  +
Geeft aan bij welk leerdoel binnen het curriculum dit geplaatst kan worden.  +
Geeft aan waar in een opleiding de toets geplaatst kan worden.  +
Geeft aan in welk leerjaar binnen het curriculum dit geplaatst kan worden.  +
Mapt een (drempel)score op een (drempel)waarde. Bij vergelijking van een score met een reeks normeringsintervallen wordt gebruik gemaakt van het passende normeringsinterval met de hoogste drempelscore.  +
Mapt een (drempel)score op een (drempel)waarde. Bij vergelijking van een score met een reeks normeringsintervallen wordt gebruik gemaakt van het passende normeringsinterval met de hoogste drempelscore.  +
Mapt een (drempel)score op een (drempel)waarde. Bij vergelijking van een score met een reeks normeringsintervallen wordt gebruik gemaakt van het passende normeringsinterval met de hoogste drempelscore.  +
Mapt een (drempel)score op een (drempel)waarde. Bij vergelijking van een score met een reeks normeringsintervallen wordt gebruik gemaakt van het passende normeringsinterval met de hoogste drempelscore.  +
De maximale score van de schaal.  +
De maximale score van de schaal.  +
De minimale score van de schaal.  +
De minimale score van de schaal.  +
Moment waarop het resultaat voor het laatst gewijzigd is.  +
Datum waarop de informatie over de medewerker voor het laatst gewijzigd is.  +
Datum waarop de groep voor het laatst gewijzigd is.  +
Moment waarop de score voor het laatst gewijzigd is.  +
Datum waarop de informatie over de deelnemer voor het laatst gewijzigd is.  +
Datum waarop de informatie in toetscatalogus voor het laatst gewijzigd is.  +
Datum en tijdstip waarop de gegevensbundel met overzicht van deelnemers, groepen en/of medewerkers voor het laatst gewijzigd is.  +
Datum en tijdstip waarop de verzameling resultaten en scores voor het laatst is gewijzigd.  +
Datum waarop de informatie over deelnemer voor het laatst gewijzigd is.  +
Datum waarop de informatie over medewerker voor het laatst gewijzigd is.  +
Moment waarop het resultaat voor het laatst gewijzigd is.  +
Datum waarop de informatie in de toetseenheid voor het laatst gewijzigd is.  +
Datum waarop de groep voor het laatst gewijzigd is.  +
Moment waarop de score voor het laatst gewijzigd is.  +
Naam van de rol.  +
Naam van het toetscluster  +
Naam van de toetsleverancier.  +
Naam van de toets.  +
Naam van toetsleverancier.  +
Naam van toetscluster.  +
Naam van rol.  +
Naam van toets.  +
Naam van toetscatalogus. Minimaal uniek binnen de scope van een gegevensuitwisseling.  +
Geeft aan waar in een opleiding de toets geplaatst kan worden.  +
Aanduiding van het onderwijsniveau, bijvoorbeeld 'groep 3', 'havo', of 'onderbouw'.  +
Geeft aan op welk niveau binnen of over het curriculum dit geplaatst kan worden.  +
Url naar informatie over de te gebruiken normering en de referentiegroep of -doelen in relatie waartoe genormeerd is.  +
Url naar informatie over de te gebruiken normering en de referentiegroep of -doelen in relatie waartoe genormeerd is.  +
Omschrijving van de toetsleverancier.  +
Omschrijving van de groep.  +
Omschrijving van de rol.  +
Omschrijving van de toets.  +
Omschrijving van het toetsonderdeel.  +
Omschrijving van groep.  +
Omschrijving van toetsleverancier.  +
Omschrijving van rol.  +
Omschrijving van toets.  +
Omschrijving van toetsonderdeel.  +
URL naar het afnameprotocol.  +
URL naar het afnameprotocol.  +
Tekstuele weergave van het afnameprotocol.  +
Tekstuele weergave van het afnameprotocol.  +
Tekst met nadere uitleg over de herkomst van de referentieschaal en wijze van presentatie of gebruik.  +
Tekst met nadere uitleg over de herkomst van de referentieschaal en wijze van presentatie of gebruik.  +
Typering van identiteitssleutel van persoon (in registratieID) door benoemen van register/registratie. Voorbeelden zijn: ECK-iD en LAS-key.  +
Typering van identiteitssleutel van onderwijsorganisatie (in registratieID) door benoemen van betreffende register/registratie. Voorbeelden zijn: BRIN Instellingscode, RIO Onderwijsaanbieder, RIO Onderwijsbestuur of een bepaalde domeinspecifieke registratie.  +
Typering van identiteitssleutel van onderwijslocatie (in registratieID) door benoemen van register/registratie. Voorbeelden zijn: BRIN Vestigingscode, RIO Onderwijslocatie, of een bepaalde domeinspecifieke registratie.  +
identiteitssleutel binnen de door registratie aangegeven register/registratie van onderwijslocaties.  +
identiteitssleutel van persoon binnen de door registratie aangegeven register/registratie van personen.  +
identiteitssleutel van organisatie binnen de door registratie aangegeven register/registratie van onderwijsorganisaties.  +
Aanduiding van de partij die de resultaten verwerkt.  +
Aanduiding van de partij die de resultaten verwerkt.  +
Roepnaam van de medewerker.  +
Roepnaam van de onderwijsdeelnemer.  +
Roepnaam van medewerker.  +
Roepnaam van onderwijsdeelnemer.  +
Schooljaar waarop de verzameling scores en resultaten betrekking heeft.  +
Aanduiding van de status van de score.  +
Aanduiding van de status van de score.  +
Informatie over systeemtoegang van onderwijsdeelnemer.  +
Url naar tekst met nadere uitleg over de herkomst van de referentieschaal en wijze van presentatie of gebruik.  +
Aanduiding voor het type onderwijsniveau, bijvoorbeeld 'jaargroep', 'examenniveau', of 'boven/onderbouw'.  +
Typering van het toetsonderdeel. Partijen maken afspraken over de verschillende labels die gebruikt mogen worden en leggen deze afspraken vast in de vorm van vocabulaires.  +
Typering van de toets. Partijen maken afspraken over de verschillende labels die gebruikt mogen worden en leggen deze afspraken vast in de vorm van vocabulaires.  +
Typering van de score, bijvoorbeeld 'afnamescore', 'aantalgoed', 'aantalopgaven', 'aantalgelezen', 'benodigdetijd', etc.  +
Typering van de referentieschaal, die aangeeft welk type waarde de schaal oplevert.  +